Mobilisatie voor Verandering: Een Mogelijkheid voor Nieuw Zeeland

Dit document werd oorspronkelijk voorgelegd aan de regering van Nieuw Zeeland en aan het Verenigde Naties Milieu Programma (UNEP). Echter dit document kan gebruikt worden voor iedere regering, iedere NGO of iedere andere groep of organisatie als een formule om met globale klimaatsverandering om te gaan.


Achim Steiner, Uitvoerend Directeur van de UNEP zegt het volgende over het voorstel:

Beste Meneer. Arguëlles,

Bedankt voor uw email van 2 april, 2007 jl. over de Mobilisatie voor Verandering, Antwoord op Klimaatsverandering – Een Geheelsysteem analyse.

Wij hebben ook uw vorige document ontvangen over het Tweede Planetaire Congres voor Biosferische Rechten en willen u hartelijk bedanken voor het delen van deze belangrijke ideeën met UNEP.

Ik hoop dat deze documenten kunnen voorzien in relevante input om de klimaatsverandering te bestrijden en alle belangrijke spelers te helpen om de elementen te betrekken in hun bredere klimaatverandering strategieën.

Ik feliciteer u met uw werk en bedank u de input van UNEP te vragen.

Hoogachtend,

Achim Steiner
Uitvoerend Directeur (UNEP)

Inhoud

I. Introductie: Het Begrijpen van de Menselijke Gedachte als een Geologische Kracht

II. Geheelsysteem Analyse en context voor globale klimaat politieke veranderingen.

  1. Het geheelsysteem principe van de biosfeer: theorie en grondbeginsel van geochemische verandering – de biosfeer-noösfeer transitie;
  2. De Ongekende Aard van de Biosferische Crisis – creatie van de technosfeer, en zijn bemiddelingsrol in de biosfeer-noösfeer transitie;
  3. De plaats van Nieuw Zeeland in de globale configuratie en de resolutie van de crisis. Wat er gedaan moet worden – onderwerpen ter overweging voor politieke aanbevelingen.
  4. 2007-2013: zes-jaar mobilisatie voor verandering – implementatie van beleidsaanbevelingen.

III. Betreffende het Galactisch Onderzoek Instituut van de Stichting voor de Wet van Tijd

IV. Achtergrond en Referenties

Mobilisatie voor Verandering: Een mogelijkheid voor Nieuw Zeeland

De Rol van Nieuw Zeeland als Antwoord op de Globale Klimaatsverandering
Een Geheelsysteem Analyse en Voorstel voor een Zes-Jaren Programma, 2007-2013

Toepassing van de Hypothese van de Biosfeer-Noösfeer Transitie
Volgens het Principe van Planetair Geheelsysteem Ontwerp

Voorgelegd aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken en Handel van Nieuw Zeeland door
José Arguëlles, Ph.D. Directeur,
Galactisch Onderzoek Instituut – Stichting voor de Wet van Tijd

I. Introductie: Begrijpen van de Menselijke Gedachte als een Geologische Kracht

De mensheid, als een geheel gezien, is een sterke geologische kracht aan het worden. De geest en het werk van de mensheid staat voor het probleem van het reconstrueren van de biosfeer ten voordele van een vrijdenkende mensheid als een enkelvoudige entiteit. Deze nieuwe staat van de biosfeer die wij nu naderen, zonder het te bemerken, is “de Noösfeer.”

— Vladimir I.Vernadsky, The Biosphere (3e editie) (2007), blz. 414

We leven in een tijd van ongekende planetaire crisis – de globale opwarming en de daaruit volgende klimaatsverandering. Dit is een crisis die iedereen beïnvloedt, ongeacht waar hij op Aarde is. Het is ook ongekend omdat de veroorzakende factor niets minder is dan de globalisatie zelf – globalisatie begrepen als een ideologie en als een mechanisme voor het transformeren van natuurlijke bronnen naar grondstoffen, het proces dat ongeëvenaarde hoeveelheden broeikasgassen en giftig afval ontlaadt in ons milieu.

Zoals Al Gore duidelijk maakt in zijn documentaire, An Inconvenient Truth, is het vrijlaten van alleen al koolmonoxide, de belangrijkste boosdoener in het globale opwarmingsproces, nu exponentieel aan het versnellen. “De Morele noodzaak om grote veranderingen te bewerkstelligen is nu onontkoombaar,” zegt Gore. Als wij onze levenswijze niet veranderen, zal Moeder Natuur het voor ons doen. De recent afdrijvende ijsbergen, niet ver van de kust van Dunedin, was een waarschuwing. Als één van de grote Antarctische ijskappen in de nabije toekomst afbreekt, zal het zeeniveau sterk stijgen – voldoende om ravage te veroorzaken in de laagliggende plaatsen op de planeet.

“Er kan een dag van afrekening komen, waarop je zou wensen dat je de punten sneller verbonden had,” zegt Al Gore aan het einde van zijn meesterlijke documentaire, hij voegt toe, “Zijn wij in staat om boven onszelf en onze geschiedenis uit te stijgen?” Het punt van het verbinden van de punten is dat wij te maken hebben met een crisis die niet alleen ons allemaal beïnvloedt, maar die meervoudige, onderliggende verbindingen van oorzaak en gevolg bevat. Met andere woorden, de crisis is er één die de totaliteit van onze soorten en zijn milieu betreft, begrepen als een geheelsysteem.

Om een geheelsysteem gebeurtenis te begrijpen en er antwoord op te geven vereist een nieuwe visie en een nieuwe manier van denken, zodat wij effectieve – niet enkel kunstmatige, korte termijn of zelfzuchtige – beslissingen kunnen nemen. Op die manier kunnen wij het ergste voorkomen, terwijl we het beste maken van wat al opgewekt is door een reeds uit de hand gelopen situatie. Als wij de aard van het geheelsysteem en van globale dimensies van het probleem kunnen begrijpen en waar wij precies passen in deze planetaire context, dan kunnen we overeenkomstige beleids aanbevelingen doen, en van daar uit, een plan vormen dat de grote lijn kan geven van het soort levensstijl veranderingen dat we moeten maken in de binnenlandse zaken, en hoe we daarmee in overeenstemming onze handel en diplomatieke politieke beleid in buitenlandse zaken kunnen afstemmen.

Nadat dit gezegd is, is het goed te onthouden dat de globale opwarming niet zozeer een politieke kwestie is als wel een morele kwestie. De grondoorzaak komt uit de onmogelijkheid als soort om de effecten van onze acties op het milieu te begrijpen, of eigenlijk op de biosfeer, de geologische omhulling van leven beschouwd als eenheid. Anders gezegd, de crisis is er dankzij het falen van de mens om de planetaire dimensie van zijn aard te begrijpen. Leven is als een planetair bezit en wij zijn, eerst en vooral, een planetair organisme.

Het falen om dit punt te begrijpen wordt versterkt door de huidige verdeling van de menselijke soort in afzonderlijke naties, wiens zelfinteresse vaak overheerst of het onmogelijk maakt het hele plaatje te zien. Dit wil zeggen dat de politieke oplossing voor de globale crisis al een uitdaging is, want, zoals men zegt, je kan moraal niet tot wet verheffen. Kijk naar het Kyoto Protocol, dat de VS. – verantwoordelijk voor 30.3% van de globale broeikasgas uitstoot – geweigerd heeft te ondertekenen.

Maar de crisis is er, en het is de verantwoordelijkheid van de verlichte elementen van de menselijke orde om beleid en procedures te ontwikkelen om verdere bijdragen aan de crisis te verminderen, en, nog belangrijker, om relatief lange-termijn aanpassingen te maken in binnenlands, economisch, milieu en buitenlands beleid dat een creatief antwoord bevat op het probleem. De geschiedenis kan de landen en de mensen van de Aarde van deze tijd goed beoordelen volgens de moed die, tenminste een bepaald aantal van hen motiveerde, om het probleem tegemoet te treden zoals het behoort, en om de overeenkomstige veranderingen in levensstijl en politiek te maken die de mogelijkheid van een duurzame toekomst voor de mensheid in het algemeen aangeeft.

Nieuw Zeeland heeft een groot potentieel om positief te antwoorden en een echte leidersrol op te nemen in de universele crisis die wordt veroorzaakt door globale opwarming en klimaatsverandering. Want één ding is waar, als natie is Nieuw Zeeland zijn eigen afzonderlijke en zelf bepaalde bioregio. Van alle landen van de Aarde was het één van de laatste om door mensen bewoond te worden – ongeveer 1500 jaar geleden. Tot 1840 waren de mensen cultureel en economisch zelfvoorzienend en zelfonderhoudend, en hadden weinig behoefte aan buitenlandse handel of buitenlandse betrekkingen in het algemeen.

Dit betekent dat Nieuw Zeeland veel langer verbleef in een natuurlijke ongerepte conditie dan de meeste gebieden van de Aarde. Zijn kolonisatie, wat zo’n tweehonderd jaar geleden begon, door een regerende kracht en bemiddelaar van de industriële revolutie, verzekerde dat Nieuw Zeeland niet langer zelfvoorzienend was. In plaats daarvan, werd het verweven in een rijk wiens technologische processen zich ontwikkeld hebben tot de hedendaagse globalisatie – een wereld van economische wederkerige afhankelijkheid, samengehouden door een onzichtbaar rijk van transnationale corporaties. Dit, zoals we weten, vaak ten nadele van de lokale economie. Hoewel Nieuw Zeeland als natie een progressieve reputatie heeft en in verhouding nog steeds een kleine macht  is – in populatie en economische productiviteit – kan Nieuw Zeeland nauwelijks in dezelfde klasse gezien worden met de belangrijkste economische machten. Toch is het goed je te herinneren dat Nieuw Zeeland eens, en mogelijk nog steeds, een zelfonderhoudende economie had, en daarmee een nieuwe globale standaard kan zetten voor economisch zelfonderhoud. Dit wordt gezegd met het idee, zoals we zullen zien, tot het verminderen van het hedendaagse vertrouwen op milieu vernietigende aspecten van de globalisatie zoals het transportsysteem.

Als politici begrijpen dat de crisis alomvattend is en daarom oplossingen vereist die rekening houden met een geheelsysteem begrip van de aard, oorzaak en oplossingen van de crisis, dan kunnen ze op een totale nieuwe basis beslissingen gaan nemen, geheel anders dan de heersende standaard van monetair economische determinisme. Het is bijvoorbeeld belangrijk om werkelijk te begrijpen hoe technologie ineffectief nationalisme verandert, terwijl men zelfonderhoudende bioregio’s zoals Nieuw Zeeland meer en meer afhankelijk maakt van een megasamenwerkende transnationale globale structuur. Nationalisme zelf heeft een steeds grotere verdeling van naties gecreëerd, noodzakelijkerwijs niet capabel om mee te dingen op het wereldtoneel. Hoe kan Tonga met 104.000 mensen of Fiji met 900.000 mensen op tegen de 4 miljoen mensen van Nieuw Zeeland, of de 18 miljoen van Australië, of tegen de megamachten zoals de VS met zijn 300 miljoen mensen, of India met zo’n miljard inwoners en China met over de 1.1 miljard mensen? We hebben een nieuwe visie van onze plaats in de wereld en nieuwe criteria nodig waarlangs we kunnen evalueren wat er gedaan moet worden om te garanderen dat we een duurzame toekomst voor onszelf hebben. Laat Nieuw Zeeland zijn hoge wereldstandaard optillen – ondanks zijn kleine omvang – in een grote stap voorwaarts, als een voorbeeld van positieve verandering voor het behoud van onze Aarde en onze toekomst.

Klimaatverandering neemt geen nationale grenzen aan, ook de biosfeer, als een levend, planetair systeem van organische cycli en geochemische processen, erkent geen staatsgrenzen. Zo geeft ons bloed of DNA ook weinig te maken met nationale vlaggen. Klimaatsverandering laat ons opnieuw denken over wie wij zijn en hoe wij realistisch kunnen afstemmen op onze snel veranderende omgeving. Om hiermee in overeenstemming te komen, moeten wij één eenvoudig punt goed begrijpen: In het zelfonderhoudende planetaire systeem van de biosfeer, is de mens een complex organisme, zowel intern, met zijn unieke intelligentie en mogelijkheid tot denken, als extern, met zijn resulterende biogeochemische afhankelijkheid die in hevige maten zijn omgeving verandert. Ja, de menselijke gedachte is een geologische kracht geworden, die de diepgaandste en dramatische veranderingen van de laatste 100 miljoen jaar aanbrengt in zijn biosfeer. “We gaan nu door een nieuwe geologische evolutionaire verandering van de biosfeer. We komen de noösfeer binnen.” (Vernadsky, op.cit.,blz.417).

II. Geheelsysteem Analyse en Context voor Globale Klimaat Politieke Veranderingen

Omdat de menselijke mogelijkheid om zichzelf en zijn omgeving te veranderen ligt in zijn creatieve, wetenschappelijke denkprocessen, moeten we begrijpen dat de menselijke gedachte zelf een geologische kracht geworden is die de dynamiek vervormt, die de Aarde als een geheelsysteem bestuurt. Dit moet het startpunt zijn van ons “volwassen worden” als soort, en een antwoord voorstellen op de globale crisis die, hoewel gebaseerd op een aanname en evaluatie van lokale/nationale/bioregionale bronnen en economische structuren, dit doet in een context van een geheelsysteem begrip.

Om deze reden, en om het makkelijk te kunnen begrijpen, zal deze suggestie systematisch gepresenteerd worden, op een wijze die geheelsysteem termen definieert, enkel om een vergroot raster te creëren voor het begrijpen van globale klimaatsverandering en het betrekken van de potentie voor nieuwe visies van de politici die creatief aangetrokken worden in antwoord op de crisis.

1.Het geheelsysteem principe van de biosfeer: theorie en principe van geochemische verandering – de biosfeer-noösfeer transitie.

In de geheelsysteem benadering kun je geen fenomeen beschrijven zonder het bepalen of beschrijven van zijn medium. Leven kan niet afzonderlijk van zijn geochemische processen van de omgeving waarin het floreert bepaald worden. Deze totaliteit van leven en zijn web van relaties met de anorganische cycli en systemen die het ondersteunen, stellen de biosfeer samen. Verder, wanneer we spreken over leven, spreken we erover in de meest algemene zin van levende materie. De evolutie van levende materie heeft zijn climax in de komst van de menselijke soort, waarin twee kwaliteiten naar voren komen: Planetaire uitgestrektheid door een superieur aanpassingsvermogen aan feitelijk elk klimaat – en intelligentie, het denkende element dat, omgevormd naar technologie, de omgeving opnieuw rangschikt.

“In geochemie, is de belangrijkste taak de studie van de evenwichtssystemen, die het gevolg zijn van de migratie van (chemische) elementen. Deze systemen kunnen altijd uitgedrukt worden in termen van mechanica, en in de vorm van dynamica en statische systemen, die van atomair equilibrium. De wetten van equilibrium, van homogene en niet-homogene systemen van elk soort lichaam, omarmen het geheel van geochemie.”

—Vladimir I. Vernadsky, Essays on Geochemistry, blz.54

Het is belangrijk om de mate te begrijpen waarin het menselijk mechanisme het geochemisch equilibrium veranderd heeft. Vooral in de laatste 260 jaar, met de versnelling van het fenomeen van industrialisatie, heeft de impact van de menselijke gedachte – geformuleerd als de wetten van wetenschap en technologie – radicaal de omgeving veranderd en de globale crisis van klimaatsverandering doen ontstaan. Industrialisatie is een nieuw element in de biosfeer dat de migratie van chemische elementen zoals koolmonoxide sterk vergroot – terwijl dit het equilibrium van homogene en niet-homogene systemen verstoort.

De rol van de menselijke gedachte in het beïnvloeden van verandering in zulke proporties wordt gedefinieerd als de noösfeer – de denk of mentale laag van de planeet als een geologische kracht. Aangenomen wordt dat de rol van het denkelement – ofschoon op een toevallige manier zonder besef van het geheelsysteem waarin het functioneert – nu zo’n belangrijke kracht geworden is, dat het een nieuwe fase in de evolutie van leven versnelt. In deze nieuwe fase, wordt het denkelement afgestemd op zijn opgetild geheelsysteem doel, met als gevolg het consequent herordenen van de menselijke samenleving, bekend als de noösfeer.

Naar de periode voorafgaand aan het bereiken van de noösfeer wordt verwezen als de biosfeer-noösfeer transitie. Deze wordt door twee factoren gekenmerkt:

  1. De crisis van de biosfeer dankzij de geochemische of biogeochemische onbalans als gevolg van het effect van de menselijke gedachte en beschaving op de omgeving – of zoals Al Gore het zegt, “We zijn getuige van een botsing tussen beschaving en de Aarde.” En,

  2. De ontwikkeling van een wereldwijd netwerk van feitelijke onmiddellijke informatie - de cybersfeer, met inbegrip van de computers, het internet, de mobiele telefoon technologie, video en televisie, enz. Het effect van de versnelde communicatietechnologie kopieert de exponentiële groei van de versnelde koolmonoxide in de atmosfeer. Maar met de communicatietechnologie zijn we getuige van een sociale implosie waar we niet langer in staat zijn deze bij te houden, of nog minder toegang tot hebben tot de effecten van iedere nieuwe technologische uitvinding op ons psyche en sociale leven, dat reeds niet meer te controleren is.

Het totaaleffect van deze factoren is de versnelling van de globale crisis. De klimaatsverandering is het meer of minder belichaamde symptoom van de onmogelijkheid van de mens om de chaos van zijn eigen sociale en innerlijke leven te controleren, die zich verder manifesteert in toenemend geweld, terrorisme, oorlog en sociale onzekerheid in het algemeen. Op deze manier kunnen wij zien dat, in de biosfeer en zijn geochemische processen, het menselijk element zo’n grote crisis heeft veroorzaakt, dat het moeilijk is zijn totale aard te begrijpen, laat staan de gevolgen.

2.De Ongekende Aard van de Biosferische Crisis – de creatie van de technosfeer, en zijn bemiddelingsrol in de biosfeer-noösfeer transitie.

“Wij worden sterk afgeleid door een dwingende technologische cultuur die een leven op zichzelf lijkt te hebben, een dat onze volledige aandacht trekt, ons continue verleidt en weg trekt van de gelegenheid om direct de betekenis van ons eigen leven te ervaren.”

— Al Gore

Wanneer je de menselijke rol in de biosfeer-noösfeer transitie analyseert, is het noodzakelijk om nog exacter het totaaleffect van de menselijke gedachte als een kunstmatige constructie van planetaire aard te bepalen – de technosfeer.

De technosfeer is de planetaire envelop of structuur van de som van de menselijke technologie begrepen als een enorm en complex kunstmatig organisme dat de biosfeer helemaal omvat, interpenentreert en verstoort. Er is geen sector van de hedendaagse menselijke maatschappij die geen deel uitmaakt van de technosfeer. Het fenomeen van de globalisatie is de economisch werkende filosofie van de technosfeer, want door middel van deze filosofie en zijn toepassing door monetaire politiek bereikt de technosfeer zijn eigen houdbaarheid en zelfgeneratie.

Er zijn vijf hoofdcomponenten in de technosfeer, waarvan de som de huidige beschaving – met inbegrip van Nieuw Zeeland – als totaliteit bepaalt en beschrijft:

a.       Goederen. Dit verwijst naar het hele industrialisatieproces van het onttrekken van ruwe materialen en natuurlijke bronnen uit hun omgeving, naar de transformatie van deze materialen in goederen die verkocht worden op de markt, en zo de consumenten cultuur vestigt. In principe is de effectenhandel de economische machine die de systematische transformatie van goederen financiert naar consumentisme, inclusief transport, communicatie en energie industrieën die dit ondersteunen, en zodoende een ongekende versnelling en verstoring van de geochemische processen voedt. Omdat de keten van consumentisme ook het produceren van afval en afvalverwerkings technologieën inhoudt, verschijnen er meer geochemische veranderingen. Het totaal effect van de hele transformatie cyclus van ruwe-goederen-naar-wegwerp-consument-goederen is een conditie die we kennen als biogeochemische verbranding, beter bekend als globale opwarming.

b.      Transport. De ruwe grondstoffen kunnen niet getransformeerd worden naar goederen en de goederen kunnen niet naar hun markt verscheept worden, als er geen enorm netwerk van geïndustrialiseerde transportsystemen zou bestaan: scheepvaart, treinen, vrachtwagens en vliegtuigen. Terwijl schepen de zee kunnen gebruiken, is er behoefte aan grote containerhavens, vol pieren en dokken, en toegang tot de twee belangrijkste landsystemen, spoor en wegen. Terwijl spoorwegen in het algemeen buiten de haven en sterk geïndustrialiseerde gebieden liggen, heeft het wegennet grote snelwegen gevestigd die door het landschap snijden, en voertuigen verwerken met meer dan 18 wielen – en afhankelijk van de olie-industrie voor brandstof. Echter het vliegtuigsysteem is de grootste brandstof verbruiker, afhankelijk van een breed internationaal systeem van luchthavens. Zonder het vliegtuigsysteem, zou de toeristenindustrie niet veel betekenen. Denk aan directe vluchten van Sydney naar Queenstown of Shanghai naar Auckland. Maar momenteel, is de olieprijs op zijn hoogst en de dreiging van terrorisme maakt luchtverkeer steeds duurder en oncomfortabeler.

c.       Energie. De moderne energie industrie – hydro-elektriciteit, kolen, en kernenergie – voorziet de wereld van brandstof. We spreken nog niet over de olie die nodig is om de auto te laten rijden. De industriële wereld is een wereld van energie consumptie. De productie van machines en hun gebruik en onderhoud is totaal afhankelijk van verschillende vormen van energie. Het is duidelijk dat hoe meer de technosfeer zich verspreidt, hoe groter de hoeveelheid energie die nodig is om te consumeren. Kolen en olie dragen het meest bij aan de koolmonoxide die de planeet verwarmt. Elektriciteit, vervoerd door enorme systemen van hoogspanningslijnen is het hoofdbestanddeel van feitelijk het hele moderne leven. Gelukkig gebruikt Nieuw Zeeland geen kernenergie, en is deze klaar voor zonne- en wind energiesystemen van gedecentraliseerde aard. En er zijn genoeg mogelijkheden beschikbaar voor Nieuw Zeeland om een leidende rol in de verandering naar niet-vervuilende energiesystemen te nemen.

d.      Communicatie. De cybersfeer, hierboven genoemd, is het feitelijke intelligentie organisatie van de technosfeer. Als aanvulling op de pc, het mobieltje, de televisie en het internet, omvat elektronische communicatie ook de radio en telefoon. Zonder de ingewikkelde en complexe communicatiesystemen zou de organisatie van de technosfeer falen. Als aanvulling, het communicatiesysteem is de meest effectieve manier waarop de goederenmarkt in staat is zijn “consumeer goederen” te verkopen, en telemarketing en de on-line business transacties staan voor een toenemend groot deel van het consumentisme.

e.       Het stedelijke centrum. Het stedelijke centrum met zijn ingewikkelde infrastructuur is het hoogtepunt van de technosfeer. Hier worden goederen, transport, energie en communicatie samengebracht in een enorm complex van geochemische transformatie. Een groeiende meerderheid van de wereld populatie leeft in steden. In Nieuw Zeeland leeft één op de vier in Groter Auckland, en bijna één op de twee mensen leeft in Auckland, Groter Wellington, en Christchurch samen. Via de satelliet kunnen de steden ’s nachts gezien worden als de pulserende elektronische zenuwcentra van netwerken van lichtslingers.

Dit zijn kort samengevat de vijf in elkaar grijpende systemen van de technosfeer. In dit systeem is landbouw gemarginaliseerd en is voor het grootste gedeelte “agribusiness” geworden, een industrie die nauw verbonden is met de chemische industrie – die giftige schade toebrengt aan het land en de mensen. De technosfeer en structuur van globalisatie en monetaire politiek, geregeld door de WTO en de GATT, creëren een groot onafhankelijk systeem waarin bioregionale of lokale autonomie opgeofferd wordt aan de marketing en economisch beleid van een paar grote internationale bedrijven. Dit systeem, als geheel, is de basisoorzaak die de globale opwarming genereert.

Vanuit een groter geheelsysteem perspectief, is de technosfeer als een groot kunstmatig planetair organisme (of beest) dat, om zichzelf in stand te houden, de natuurlijke bronnen van de wereld sneller opeet dan deze vervangen kunnen worden, terwijl hij meer afval uitspuugt dan opgeruimd kan worden. De globale klimaatverandering is een direct gevolg van de verschillende geïndustrialiseerde behoeften en hun giftig bijeffect van de technosfeer. De mensen zijn als de bijen en de mieren van de technosfeer, en voeren de functies van onderhoud en voortplanting uit.

Iedere nationale politieke verandering, ingegeven om iets aan de globale opwarming te doen, moet rekening houden met de aard – en de kwetsbaarheid - van de technosfeer als geheelsysteem. Je kan niet één deel veranderen, zonder het geheel te beïnvloeden. Het is heel goed mogelijk dat in het historisch perspectief, de technosfeer de tussentoestand is tussen de biosfeer en de noösfeer, begrepen als een nieuwe conditie van aardse evolutie.

“Regeringsleiders zouden zich bewust moeten zijn van het hedendaagse elementaire proces van de Biosfeer naar de Noösfeer. Het fundamentele bezit van biogeochemische energie wordt duidelijk onthuld in de groei van de vrije energie van de biosfeer met geologische tijd, vooral in relatie tot de transitie naar de noösfeer…enkel de mens overtreedt de gevestigde orde…verstoort het evenwicht, hoewel we er momenteel niet zeker van kunnen zijn of hij materieel het transformerend mechanisme verminkt of enkel herverdeelt.”

— Vladimir I.Vernadsky (1944)

3.De plaats van Nieuw Zeeland in de globale configuratie en de oplossing van de crisis. Wat er gedaan moet worden – gebieden van overweging voor beleids aanbevelingen.

“…En ik geloof dat wij niet alleen verantwoording hebben ten opzichte van onze tijdgenoten, maar ook naar toekomstige generaties – een verantwoordelijkheid om de bronnen te behouden die hen toebehoren zoals zij ons toebehoren, en zonder welke wij geen van allen kunnen overleven.”        

“Dit betekent dat wij veel meer moeten doen, en dringend ook, om de klimaatsverandering te voorkomen of af te remmen. Iedere dag dat wij niets doen, of te weinig, heeft hogere kosten voor onze kinderen en hun kinderen ten gevolg.”

—Kofi Annan, Laatste Toespraak als Secretaris Generaal van de VN, 12/12/2006

Als globale klimaatsverandering – het resultaat van verstoord evenwicht in de geochemische cycli van de Aarde – een geheelsysteem fenomeen is dat zowel de biosferische achteruitgang als de technosferische woekering omvat – dan moet iedere beleidsverandering die probeert deze situatie te verbeteren of te bespreken, zorgvuldig de mate waarin Nieuw Zeeland een onlosmakelijk deel is van dit systeem beschouwen. Of, als er verbindingen zijn met de globale technosfeer en zijn economisch systeem die onbelangrijk of modificeerbaar zijn, welke zijn dat dan en hoe veranderen we vervolgens ons beleid? Hoeveel van ons buitenlands beleid en handel is momenteel verstrengeld in transnationale of internationale technosferische processen en globalisering in het algemeen – is dit goed in het licht van in toenemende mate potentiële verstoringen van het gehele planetaire systeem?

Het is goed te onthouden dat de technosfeer een intrinsiek zwak en kwetsbaar systeem is. Een bomalarm op één Londens vliegveld is goed voor dagen lange chaos, met als gevolg nog strengere veiligheids maatregelen op feitelijk alle internationale vliegvelden. Een stroomuitval kan grote gebieden van de technosfeer op non-actief zetten. Of een aardbeving, of iedere andere natuurramp – zoals de orkaan die Nieuw Orleans raakte – kan makkelijke de lokale en zelfs de nationale economie beschadigen.

Het punt is dat wij ons moeten afvragen: “Hoe lang kan zo’n kwetsbaar systeem bestaan, dat zo afhankelijk is van de slinkende brandstofvoorraad, en welke maatregelen kunnen genomen worden om enig soort van zelfvoorzienend beschaafd systeem voor de toekomst te behouden? We moeten inderdaad zelfs de prioriteiten en waarden van onze maatschappij vaststellen en inschatten hoe deze bijdagen aan de globale crisis. Als we begrijpen welke veranderingen wij moeten maken, hoe gaan we dat dan doen? Wat het antwoord ook is, Nieuw Zeeland kan en moet een leidende rol in dit proces opnemen.

Om te beginnen te overwegen welke soort toekomstig beleid we gaan voeren in buitenlandse zaken en handel, zonder interne zaken, educatie, duurzaamheid en het milieu te noemen, moeten we kijken naar een paar kritieke beleidsgebieden en onze huidige benadering beoordelen, en overwegen hoe we deze kunnen aanpassen of verbeteren zodat ze afgestemd worden op de soort veranderingen die de globale klimaatsverandering onze maatschappij opdringt. Over het algemeen, moeten we groter zelfvertrouwen nastreven en economische zelfvoorziening, een vermindering van de afhankelijkheid van multinationals, en een zeer eenvoudige levensstijl. In het licht van een opnieuw geformuleerde sociaal economische positie, moeten we ons afvragen, wat hebben wij van anderen nodig, wat wij niet hebben? Welke handelspolitiek hebben we nodig om deze behoeften te onderhouden? Wat kunnen wij zelf doen wat wij anderen voor ons laten doen, en er meer voor betalen? Met zulke vragen in ons achterhoofd, gaan we kort kijken naar de gebieden die we moeten beoordelen om over de gehele linie, een gezond nationaal “milieu” beleid te maken.

i.Milieu technologie. Afval en afvalverwerking: beschermen we het water en de moerassen wel voldoende? Hoe snel vullen wij onze stortplaatsen? Hoeveel materiaal op de stortplaats komt van buitenlandse productie? Hoe is onze recycling? Recyclen we wel voldoende? Land gebruik en economie: Hoeveel land wordt er gebruikt voor wolproductie of het houden van kudden voor diepvries vleesindustrie of wijngaarden voor wijnexport – dit is opslag van buitenlandse handel. Is er ruimte voor promoten van organische boerderijen en tuinderijen? Welk percentage voedsel wordt er momenteel geïmporteerd? Momenteel zijn belangrijke importproducten, auto’s en alle soorten voertuigen, en ook olie – waar komt die vandaan? BP, Shell en Caltex – wat is hun deel van de oliemarkt? Van welke andere levensstijl opslag is Nieuw Zeeland 100% afhankelijk? Hoe zit het met toerisme – hebben we een gezonde milieu politiek? Wat is de impact op het milieu van de 1.3 miljoen toeristen per jaar in het Queenstown gebied bijvoorbeeld? Wat gebeurt er als in vijf jaar tijd de vliegtuig industrie grotendeels onmogelijk gemaakt wordt door factoren als olieproductie, prijzen en terrorisme? Wat zouden we doen met te groot gebouwde toeristencentra zoals Queenstown?

ii.Gezonde milieu technologieën. Hoeveel studie is er gedaan naar de haalbaarheid van alternatieve energiesystemen? Wat zou de impact zijn van een verminderde afhankelijkheid van buitenlandse olie, zoals Brazilië momenteel aan het doen is? Hoe staat het met de overstap naar ethanol en het promoten van hybride en energiezuinige voertuigen? Hoe staat het met gedecentraliseerde wind- en zonnetechnologieën en een verminderde afhankelijkheid van steenkool en hydro-elektrische systemen? Welke economische en sociale effecten zouden er zijn dankzij de decentralisatie van energieproductie?

iii.Productie en consumptie. We moeten de verhouding tussen het promoten van consumentisme, vermeerderde goederenproductie, milieu gezond landgebruik en afval en afvalverwerkingtechnologieën beoordelen – is het promoten van consumentisme het beste voor het milieu? Dit lijkt een economische kwestie te zijn, die nauw verbonden is met buitenlandse handelszaken, maar het is eigenlijk een kwestie van waarden en nationale prioriteiten. Moeten wij een consumptie maatschappij zijn? Is dat de enige manier om economisch levensvatbaar te blijven? Kunnen we standaarden zetten van duurzame consumptie en schonere productie? Hoe verwijderen wij ons van een ongelofelijke wegwerp, consumptie gerichte maatschappij naar, bijvoorbeeld, eentje die cultuur en kunst de voorrang geeft? De tendens naar een duurzame “levensstijl” kan gepromoot worden door het verhogen van waarden van kunst, mode, kwaliteitsproducten, ethisch landgebruik, organische voedselproductie en het mooier maken van de omgeving. Een beoordeling en profiel zou gemaakt moeten worden van de industrieën die een duurzame levensstijl ondersteunen en aantrekken: deze zouden gesubsidieerd, gestimuleerd en gepromoot moeten worden.

iv.Chemicaliën. De kwestie van chemicaliën is kritiek. Alle industriële productie, in meer of mindere mate, brengt het gebruik van chemicaliën/en of productie met zich mee, evenals het laten ontsnappen van chemische bijproducten in het milieu, zowel als vrije energie (vervuiling) als giftig afval. Naast de productie van goederen waar verschillende soorten chemicaliën inzitten – van plastic tot farmaceutica – is er, bovendien, de groei van de landbouwbusiness, die van chemie afhankelijk is, en als een geheel industrie die huiselijk gebruik van chemische producten promoot, meestal in de vorm van giftige schoonmaakmiddelen. Meer en meer groeit de publieke aandacht dat de sterke afhankelijkheid van chemicaliën ons feitelijk vergiftigt – thuis, op het land door pesticiden en het gebruik van andere chemische, producten en door allerlei soorten industrieel giftig afval.

De UNEP Conventie in Rotterdam over de Voorafgaande Geïnformeerde Toestemming Procedure voor Bepaalde Gevaarlijke Chemicaliën en Pesticiden in Internationale Handel begon op 24 Februari, 2004. Dit verdrag vermeldt dat alle exporteurs van gevaarlijke chemicaliën de toestemming van importeurs nodig hebben voordat ze verscheept worden. Voor meer informatie over het thema van de invloed van huiselijke chemicaliën, zie National Geographic Magazine, oktober, 2006, “Invaders of our bodies, the poisons in our homes.” De UNEP Stockholm Bijeenkomst van Moeilijk Afbreekbare Organische Vervuilers (POPs) van 17 mei, 2004, een ander globaal verdrag over de kwestie van POPs (meestal pesticiden), roept op tot de bescherming van de menselijke gezondheid en het milieu door maatregelen om hun aanwezigheid in onze voedselproducten en de atmosfeer te verminderen en te elimineren.

Het punt hier is dat het chemicaliën gebruik van Nieuw Zeeland op alle gebied beoordeeld moet worden, inclusief import, maar ook de binnenlandse productie en landbouw, met inbegrip van studies van de effecten van chemicaliën op onze gezondheid. Er zou beleid gevormd moeten worden dat de Nieuw Zeelandse positie en plannen voor vermindering en eliminatie van deze giftige elementen van ons land, water en lucht vaststelt. Even belangrijk is te bepalen welke alternatieve maatregelen er gepromoot moeten worden – vooral in de vorm van organische land- en tuinbouw, en in het onderzoek naar niet-chemische middelen.

v.Energie. De huidige energieproductie door hydro-elektriciteit, olie en steenkool is duur en slecht voor het milieu. De UNEP Internationale Conferentie over Recyleerbare Energieën, Bonn, 2004, geeft een standaard voor het promoten van beleid voor niet-vervuilende vormen van energie. Gerelateerd aan de Bonn Conferentie is het Internationale Investeer Forum voor Duurzame Energie. In het licht van de Globale Klimaatsverandering en de vermindering en/of eliminatie van de oorzaak van globale opwarming, ligt de toekomst zeker in de richting van reclycleerbare, duurzame energie. Hoewel dit in eerste instantie geen kwestie lijkt voor het ministerie van buitenlandse zaken en handel, zal dit, als Nieuw Zeeland een meer progressief beleid aanneemt voor het promoten van de ontwikkeling van een duurzame en recycleerbare benadering van energie, de import van olie beïnvloeden, terwijl het in potentie een standaard zet voor de rest van de wereld. (zie ook boven, “ii. Milieu Gezonde technologieën”)

vi.De Ozon. Het Montreal Protocol van Substanties die de Ozon Laag Uitput is kritisch voor Nieuw Zeeland. Zijn nabije ligging bij Antarctica maakt het een belangrijk onderwerp voor de effecten van de ozon uitputting. En hoewel er veel gestreden is voor het intomen van de productie van chemicaliën die de ozonlaag uitputten, was het gat in de ozonlaag boven Antartica het laatste jaar groter dan ooit. Het Zuid Aziatische/Pacific UNEP agentschap regelt de handel in ozon uitputtende middelen. Nieuw Zeeland zou een actieve en leidende rol in dit gebied moeten blijven te nemen.

vii.Economie en handel. In het hele proces en de structuur van globalisatie, zijn de economische, handel en financiële sectoren de drijvende kracht van de technosfeer. Om de totale milieu impact van deze sector te beoordelen en hoe Nieuw Zeeland een deel is van zijn kritische ontwikkeling van een nieuw beleid dat zelfvoorzienende benadering tot handel en financiën promoot. Op een bepaalde manier is de soort economie en handel, ondersteund door een sterk geïndustrialiseerde maatschappij, de belangrijkste onderliggende factor die de processen van globale opwarming en klimaatsverandering in stand houdt. Daarom is een heldere en eerlijke beoordeling waarop verbeterende politiek gebaseerd kan worden een grote verantwoording van het ministerie van buitenlandse zaken en handel. Deze beoordeling zou moeten bevatten:
  • een beoordeling van de macro-economische handel en het economisch beleid en hoe Nieuw Zeeland bijdraagt aan dit proces;
  • een beoordeling over het potentieel van Nieuw Zeeland om een bioregionale zelfvoorzienend, en zelfonderhoudende economische politiek te ontwikkelen, met inbegrip van de formulering van premies en subsidies voor de ontwikkeling van lokale zelfvoorzienende en reclycleerbare economische producten;
  • vervolgens, om gezamenlijke ondersteunende handel en economisch beleid te beoordelen in de grotere regionale zone – Zuid Azië/Pacific en hoe deze versterkt kunnen worden, inclusief de promotie van Fair Trade beleid;
  • het promoten van meer financiën voor duurzame en zelfvernieuwende economische programma’s.
Het punt is om een algemeen milieu economisch beleid te ontwikkelen, waarin de beoordeling van de effecten op de omgeving voorrang krijgt in de evaluatie met betrekking tot welke programma’s gepromoot en ondersteund worden. In dit opzicht is de UNEP Financiële Initiatief Klimaatsverandering Werkgroep een belangrijke bron in het beoordelen en formuleren van nieuw beleid in overeenstemming met milieu economie en daaruit volgend beleid op het gebied van buitenlandse zaken en handel.

viii.Regionale activiteiten en verdragen. Samenwerking is de sleutel, vooral wanneer het gaat over het vestigen van beleid dat over de grens gaat en een nieuwe richting inslaat als antwoord op de kritieke uitdaging van globale opwarming en klimaatverandering. De UNEP Azië en Pacific Regional Ofice (ROAP), Bangkok, Thailand, is een bron waar we uit zouden moeten blijven putten. Maar het initiatief om nieuwe regionale allianties te vormen kan nog effectiever zijn. Het 1996 Trans-Tasman Mutual Recognition Arrangement (TTMRA) kan een stap in deze richting zijn.

Een ander gebied dat in deze categorie waar we aandacht aan zouden moeten geven is onderdak voor vluchtelingen van natuurrampen. Als we de periode naar 2012 naderen – een deadline datum gesteld door het Kyoto Protocol, en daarom te gebruiken als een coördinatiepunt voor het volbrengen van nieuw binnenlands en buitenlands beleid in het algemeen – is er een potentieel van toenemende natuurrampen. Lokale en regionale ondersteuningspunten zouden gecoördineerd moeten worden in een soort van Operatie Red de Aarde netwerk. Naties die niet in rampen zones liggen, zoals misschien Nieuw Zeeland kan zijn, moeten de mogelijkheid overwegen vluchtelingen op te vangen, en speciale noodhulp teams te creëren die in rampgebieden kunnen helpen.

Als andere regionale landen, zoals Australië of Japan, ook zouden beginnen met het ontwikkelen van een allesomvattende politiek met betrekking tot wat deze aanbeveling voorstelt, dan zou het faciliteren van nieuwe soorten partnerschap de mobilisatie voor de veranderingen versnellen, die nodig zijn om de soort economische cultuur te ontwikkelen die niet langer zou bijdragen aan de verwoesting van de biosfeer, en zou in plaats daarvan de komst van de noösfeer versnellen. Dit zou niets anders zijn dan een nieuwe periode in de menselijke beschaving, als de samenwerkende intelligentie van de soort zijn wetenschappelijk gedachte en culturele bronnen gebruikt op een ongekende planetaire schaal om de uitdaging aan te gaan van een sterke dreigende globale crisis – globale opwarming en klimaatverandering. De wereldoorlogen duurden zo’n vijf tot zes jaar, met een vergelijkbare inspanning van economische en sociale inzet maar voor andere doeleinden. Het succes van die inspanningen met dramatische positieve doeleinden zou binnen zes à zeven jaar tijd een nieuwe dimensie tonen aan de menselijke mogelijkheid voor het herordenen van zijn prioriteiten op een gezonde en rationele basis. Het is mogelijk.

Om mee te beginnen zijn er hier een paar begin aanbevelingen:

  • Hoewel dit document gericht is aan het ministerie van buitenlandse zaken en handel, is het in werkelijkheid, zoals de geheelsysteem crisis die het geïnspireerd heeft, een oproep voor een samenwerken van alle ministeries van de regering. Iedereen is een beheerder in een crisis van deze schaal.

  • Het wordt de Minister President en de hoofden van alle ministeries en hun staf aanbevolen samen naar de documentaire film van Al Gore, een Inconvenient Truth te kijken. Dit kan voortgezet worden door een ronde tafel discussie over de implicaties van globale opwarming en klimaatverandering voor Nieuw Zeeland en te bepalen hoe hier op te antwoorden.

  • De ministers zouden een voorbeeld kunnen nemen aan de Nederlandse schoolkinderen, die hun regering smeekten dat zij meer energie kunnen besparen. Dan kunnen ze bekijken of gelijkwaardige stimulaties gepromoot kunnen worden in het Nieuw Zeelands schoolsysteem. Of, bijvoorbeeld, het verminderen van het gebruik van 22 miljoen plastic tassen per week, om een campagne op te richten die ouders en buren vraagt om hun eigen niet-wegwerp tassen te gebruiken. news.bbc.co.uk/2/hi/europe/6172468.stm

  • Bestudeer het Aarde Handvest. Opgesteld na de 1992 Rio Bijeenkomst voor Duurzame Ontwikkeling,vestigt het Aarde Handvest grondbeginselen voor de heroriëntatie van prioriteiten om “aarde gevoelig” te zijn. Dit handvest is een model om effectief te beginnen om de politiek te verschuiven in een richting die werkelijk “aarde vriendelijk” is.

  • Een verdere beoordeling van het Inheemse Maori geloof en het uitoefenen van landmanagement en conservering en hun toepassing in het educatieproces en het bewustzijn van het publiek in het algemeen, zou zeer behulpzaam zijn in het initiëren en promoten van een breed gedragen klimaatverandering. De opleving van Inheemse waarden wereldwijd is een natuurlijk en onontkoombaar gevolg van een evaluatie van de oorzaak en gevolg van globale opwarming en wat eraan te doen. De verandering van levensstijl veroorzaakt door de klimaatverandering, is er één waarin de Inheemse waarden geïntegreerd kunnen worden in een campagne die een nieuwe klimaatsverandering aanmoedigt in onze samenleving, en zou sterk aangemoedigd moeten worden. Op deze wijze de mensen in beweging brengen kan succes hebben door het benadrukken van de enorme waarde om uitdagingen voluit aan te gaan met edelmoedigheid, waardigheid en visie.

4. 2007-2013: Zes-jaar mobilisatie voor verandering – toepassing van beleidsaanbevelingen.

Een geheelsysteem verandering als antwoord op de globale opwarmingscrisis moet gebaseerd worden op een zorgvuldige en eerlijke beoordeling van de huidige politiek en de angstloze en creatieve ontwikkeling van een nieuw beleid. De toepassing van zo’n beleid brengt grote veranderingen in prioriteiten met zich mee, met, als gevolg, een sociale organisatie, die een soort van tijdschema en deadline moet hebben zodat het antwoord van het geheelsysteem effectief kan zijn. Laten wij, in plaats van een vijf-jarige wereldoorlog, een vijf-jarige mobilisatie voor verandering hebben om de Globale Klimaatscrisis aan te gaan. Om de mobilisatie voor verandering effectief te laten zijn, laat dan 2012 de deadline zijn – plus nog één jaar, 2013, om te verzekeren dat het Nieuwe volledig gevestigd is.

Jaarlijks schema van toekomstige beleidsveranderingen en eruit volgende sociale aanpassingen

2007:

  • Instellen van verschillende commissies om de belangrijkste punten te bestuderen in de aanbeveling en de aanvang van de opzet van beleid, bijvoorbeeld, in de categorieën die hierboven vermeld worden, sectie 3: “De plaats van Nieuw Zeeland in de globale configuratie en de oplossing van de crisis. Wat moet er gedaan worden – gebieden ter overweging van politieke aanbevelingen.”

  • Beginnen met het in kaart brengen van de bewustwording van het publiek van de Nieuw Zeelandse “Mobilisatie voor Verandering” campagne betreffende de globale opwarming en klimaatverandering crisis. Door het inlijven van Inheemse Maori waarden, zou deze campagne helder moeten maken dat we in een soort van globale noodsituatie zijn, waarin het noodzakelijk is ons gewaarzijn op te tillen, een nieuwe koers uit te zetten, en de manier waarop wij leven te veranderen.

2008:

  • Presenteren van politieke aanbevelingen aan de Minister President en het Parlement voor wetmatige actie. Een samenvatting van voorstellen tot politieke verandering moet gepresenteerd worden aan naburige landen om een nieuw soort alliantie voor coöperatieve verandering te onderzoeken. Zoek de ondersteuning van UNEP-ROAP in dit proces. Misschien in samenwerking met de Victoria Universiteit, zou het ministerie een regionale “Topbijeenkomst voor Creatieve Samenwerking in Antwoord op de Globale Opwarming” kunnen verzorgen.

  • Opstarten van het aanbieden van premies en subsidies voor het investeren in alternatieve energie industrieën van Nieuw Zeeland (wind, zon).

  • Opstarten van een campagne voor het verminderen en elimineren van het gebruik van pesticiden en binnenlandse giftige chemicaliën.

  • Voortzetten van de “Mobilisatie voor Verandering” openbare campagne; het aanbieden van premies voor het creëren van Nieuw Zeelandse Organische Productie, Handel en Levensstijl Netwerk.

2009:

  • Beginnen met het toepassen van nieuwe wettelijke beperkende productie van koolmonoxide en andere giftige chemicaliën en afval. Introductie van nieuwe openbare educatie curriculum – educatie voor verandering, inclusief basis geheelsysteem principes die onderliggend zijn aan de biosfeer.

  • Creëren van een Syndicaat van Aziatische Pacific Regionale Staten, Raad voor Coöperatie in Politiek die het hoofd biedt aan Globale Opwarming. Presentatie van gecoördineerde beleidsplannen aan UNEP en UNESCO.

  • Openbare voortzetting met de campagne “Mobilisatie voor Verandering,” Nieuw Zeeland, mediadoel: Regelmatige programma’s op belangrijks media (televisie, krant, en magazines) over Globale Klimaatsverandering, die een geheelsysteem analyse en oplossingen, nieuwe educatieve en politieke veranderingen laat zien, maar ook een promotie van een organische levensstijl als keuze voor een betere toekomst.

  • Introductie van het concept van een nieuwe harmonische kalender als karakteristiek kenmerk van een nieuwe organische levensstijl oriëntatie. Deze 13 manen/28 dagen kalender is mathematisch exact en synchroniseert de natuurlijke solaire-lunaire cycli.

2010:

  • Verder invoeren van nieuwe wetgeving.

  • Doorgaan van de coördinatie van het Syndicaat van Aziatische Pacifice Regionale Staten, Raad voor Coöperatie in Politiek die het hoofd biedt aan Globale Opwarming, met de focus op noodplannen en hulpraden.

  • Promoten van hybride auto’s, gebruik van ethanol wordt wijdverbreid.

  • Toepassen van zonne- en wind energie generatorsystemen, zowel op een gemeenschap als binnenlandse schaal.

  • Nieuwe kalender geïntroduceerd in schoolsystemen als veldtest voor zijn aanname.

  • Nieuw Zeeland campagne “De Vergroening van Nieuw Zeeland” met als doel: Introductie van organische levensstijl educatie in openbare schoolprogramma’s, premies en subsidies voor organische boeren en huistuiniers. Effecten op de buitenlandse handel, zowel export als import, van nieuwe economische oriëntatie beoordeeld in termen van de mate van zelfonderhoud en bepalen van welke producten nog bijna exclusief beschikbaar zijn door buitenlandse import, koffie, auto’s enz.

2011:

  • Nieuw Zeeland haalt de deadline van 2012 in de vermindering van broeikasgas uitstoot, tot niveaus die lager zijn dan voor 1990.

  • Syndicaat van Aziatische Pacific Regionale Staten, Raad voor Coöperatie in Politiek die het hoofd biedt aan Globale Opwarming stemt in tot samenwerking met het Planetaire Biosferische Congres om regels op te stellen voor de bioregionale reorganisatie, en nieuwe economische en handelsovereenkomsten.

  • Wijdverbreide ontwikkeling van alternatieve niet-vervuilende energiesystemen. Dramatische veranderingen in levensstijl en sociale houding.

  • Selectieve vluchtelingcentra, opgezet in zowel steden als op het platteland.

  • Nieuw Zeeland stemt in om de harmonische, natuurlijke tijd kalender aan te nemen als een wijze ter bevestiging van een nieuwe richting in zowel binnenlandse als buitenlandse politiek.

  • Als aanvulling op zijn “nucleair vrije” positie, neemt Nieuw Zeeland het Vaandel van Vrede* aan, om het principe van “vrede door cultuur” te promoten. “Vrede door cultuur” gevestigd als een nationale prioriteit en, in zijn diplomatiek beleid, als een nieuw pad naar internationale eenheid en permanente wereldvrede.

    *(het Roerich Vredesverdrag en het Vaandel van Vrede, werd oorspronkelijk ondertekend door 22 lidstaten van de Pan-Amerikaanse Unie, 25 april, 1935, en tegen 1952 werd deze aangenomen door de UNESCO)

2012:

  • Planetair Biosferisch Congres erkent Nieuw Zeeland als een ideale bioregionale microkosmos voor een zelfvoorzienende economie en een zelfvernieuwend alternatief energiesysteem. Nieuwe handelsbalans gevestigd, met speciale banden naar lidbioregios’s van het Aziatisch Pacific Syndicaat.

  • 21 December, 2012, Mobilisatie voor Verandering Overwinning Dag. Omdat Nieuw Zeeland vlak bij de datumlijn ligt wordt dit het eerste land dat het dagen van de Nieuwe Manier van de Mensheid en het binnenkomen in de nieuwe solaire periode te verklaren.

2013:

  • Alle doelen komen samen om een samenleving te creëren die zo min mogelijk afhankelijk is van chemische stoffen en zo min mogelijk chemisch afval produceert. Doorgaand succes van alternatieve energiesystemen, nieuwe educatie programma’s voor een duurzame toekomst aangevuld met een bioregionale economie geïntegreerd met nieuwe culturele en organische levensstijl prioriteiten, wordt Nieuw Zeeland aangewezen door de Noösferisch Spiritueel Ecologisch Wereld Bijeenkomst als een model van noösferische activering.

III. Over het Galactisch Onderzoek Instituut van de Stichting voor de Wet van Tijd

De voorafgaande aanbevelingen zijn voorgelegd aan het ministerie van buitenlandse zaken en handel van Nieuw Zeeland, door het Galactisch Onderzoek Instituut van de Stichting voor de Wet van Tijd. Deze aanbevelingen vertegenwoordigen een synthese van onderzoek die afkomstig zijn van zijn belangrijkste streven, het Noösfeer II Project.

Oorspronkelijk gestart als een non-profit organisatie is het doel van het GOI, het onderzoek van de aard van tijd en het menselijk bewustzijn in relatie tot de ontwikkeling van de Aarde en in de grotere context van de melkweg waar ons zonnestelsel een onderdeel van is. De belangrijkste onderzoekmethode is een geheelsysteem analyse en de cultivering van een planetaire geheelsysteem ontwerp wetenschap.

Het Zuid Eiland van Aotearoa/Nieuw Zeeland werd uitgekozen als vestiging van het GOI, omdat het afgelegen ligt van de hoofdstroom van de beschaving; zijn verbinding met de magnetische zuidpool; en de aanwezigheid van Aoraki (de berg Cook) als zijn belangrijkste geomagnetische kenmerk. Deze karakteristieken maken het Zuid Eiland van Nieuw Zeeland de ideale plaats voor de soort studies die de GOI nu onderneemt. Deze onderzoekingen richten zich op een uitleg van de hypothese van de biosfeer-noösfeer, en op de relatie van de elektromagnetische energievelden van de planeet in relatie tot de zon en solaire activiteit als alomvattende componenten van een ontwikkelend galactisch werkmechanisme.

De GOI zal een kleine onderzoek bibliotheek naar Nieuw Zeeland brengen – de bibliotheek van de Wet en Wetenschap van Tijd – als ook meerdere archieven die talrijke zeldzame wetenschappelijke documenten en een unieke kunstverzameling omvatten. De hoofdbestanddelen van onderzoek zijn de interdisciplinaire planetaire geheelsysteem onderzoekingen, studies in vergelijkende kosmologie en in de geschiedenis van wetenschap van het bewustzijn, inclusief fenomenale onderzoekingen van geavanceerde meditatietechnieken, allemaal uitgevoerd binnenin het raster van de Wet van Tijd. Deze wet is gebaseerd op de ontdekking dat tijd een universele synchronisatiefactor is, en is de oorzaak van de promotie van de 13 manen/28-dagen kalender op een wereldwijde basis.

Als het GOI gesetteld is, zal een seminar en meditatie retraite/onderzoek centrum ontwikkeld worden in de relatieve nabijheid van de berg Cook.

Dit seminar onderzoek centrum zal één van de coördinerende bases zijn van een netwerk van twaalf andere, bekend als het CREST13 project. Sommige Centra zijn al in het aanvangsstadium (Argentinië, Brazilië, Bali). Het doel van deze Centra is het onderzoek van menselijk bewustzijn gesynchroniseerd in een planetair netwerk, en in relatie met solaire, kosmische en geomagnetische invloeden en verstoringen. Sommige experimentele onderzoeken zullen uitgevoerd worden in samenwerking met aangesloten organisaties in de Russische Academie voor Wetenschappen en met ISRICA (Instituut voor het Wetenschappelijk Onderzoek van Kosmische Antropo-ecologie) van Novosibirsk, Rusland. Het GOI werkt ook samen met de Noösferische Spirituele-Ecologische Wereld Assemblee in Moskou, Rusland, samen zullen zij een belangrijke conferentie sponsoren in St.Petersburg, eind 2007.

Als een internationaal erkend educatief onderzoek instituut, zal het GOI educatieve seminars, “denk tanks,” en seminars faciliteren, die wetenschappers en kunstenaars van overal ter wereld naar Nieuw Zeeland zullen brengen. Het Tweede Planetaire Biosferisch Congres, gehouden in Brazilië, 22-26 september, is een voorbeeld van de inzet van het GOI om onderzoek en actie voor het verbeteren van het planetaire milieu te coördineren. Samenvatting, resultaten en conclusies van dit Congres staan op de officiële website van het GOI, www.lawoftime.org.

Het GOI van de Stichting voor de Wet van Tijd, een 501 (c) (3) nonprofit educatieve, wetenschappelijke en culturele organisatie, oorspronkelijk opgericht in Oregon, VS (2000), heeft twee zuster organisaties, het Instituut voor de Verspreiding van de Wet van Tijd, Brazilië, en het Instituut voor Galactische Cultuur, Japan.

Voor meer informatie. GOI website: www.lawoftime.org

IV. Achtergrond en Referenties.

Het werk van een aantal vroegere onderzoekers legt de fundering voor de hypothese van de biosfeer-noösfeer transitie, de belangrijkste hiervan is V.I.Vernadsky, die de natuur van de biosfeer definieerde door zijn pionierswerk, Biosphere (1926, derde uitgave, 2007) en die als eerste de biosfeer-noösfeer transitie onderzocht in talrijke werken, vooral in, Problems in Biogeochemistry II (1944) en het recent gepubliceerde, Geochemistry and the Biosphere, Synergetics Press, Santa Fe (2007). Het was Vernadsky, samen met de Franse paleontoloog, Pierre Teilhard de Chardin, die het woord noösfeer bedacht in 1926. Het is vooral in zijn samenvattend werk, Man’s Place in Nature, William Collins&Co.Ltd, Londen (1966), dat Teilhard de Chardin volledig de evolutie van de noösfeer bepaalt als een planetair fenomeen, en spreekt over de transitie naar zijn volgende stadium – “supervermenselijking”- of de planetarisering van bewustzijn.

Andere denkers die bijdragen aan de planetaire geheelsysteem ontwerp vooronderstelling zijn R.Buckminster Fuller (Synergetics and Operating Manual for Spaceship Earth), James Lovelock (Gaia Hypothesis), en een heleboel Russische “kosmistische”onderzoekers, met inbegrip van N.A.Kozyrev, V.P.Kaznacheev, Alexander Trofimov, en Alexei Dmitriev, allemaal leden van de Russische Academie voor Wetenschap. Rudimentaire werken door Kaznacheev en Trofimov omvatten: Cosmic Consciousness of Humanity: Problems of New Cosmogony (1922), en Reflections on Life and Intelligence on Planet Earth: Problems of Cosmo-Planetary Antrhropoecology (2004).

Achtergrond literatuur – boeken van GOI belangrijkste onderzoeker, Dr.J.Arguëlles:

Basic Information and Themes for the Second Planetary Congress of Biospheric Rights, Instituut voor de Verspreiding van de Wet van Tijd, Brasilia, Brazilië, (2006)

Earth Ascending, Een geïllustreerde Verhandeling over de Wet die Geheelsystemen Bestuurt, Bear&Co. ITI, Rochester, VT. (1984, 1996)

The Mayan Factor, Pad Voorbij Technologie, Bear&Co. ITI, Rochester, VT. (1987, 1996)

Time and the Technosfeer, De Wet van Tijd in Menselijke Zaken. Bear&Co. ITI, ROchester, VT. (2002) (Ook in het nederlands verkrijgbaar)

Cosmic History Chronicles, Volume I Book of the Throne (co-auteur S.South). Law of Time Press, Ashland, OR (2005) (Ook in het nederlands verkrijgbaar)

Cosmic History Chronicles, Volume II Book of the Avatar (co-auteur S.South). Law of Time Press, Ashland, OR (2006) (Ook in het nederlands verkrijgbaar)

Transformative Vision, Reflecties op de Natuur en Geschiedenis van de Menselijke Uitdrukking. Shambhala Publications, Berkeley (1975)

The 260 Postulates of the Dynamics of Time. Law of Time Press, Portland (1996) (Ook in het nederlands verkrijgbaar)

Call of Pacal Votan, Tijd is de Vierde Dimensie. Een verhandeling over Tijd gezien vanuit zijn eigen dimensie. Altea Publishing, Edinborough, (1996) (Ook in het nederlands verkrijgbaar)

Een wereldwijde crisis betekent dat het tijd is om de “normale gang van zaken” te stoppenwww.lawoftime.org (2007)

Planetair Bouwproject, Noösfeer II.” Galactisch Onderzoek Instituut, www.lawoftime.org (2005)

Aanvullende Gerelateerde Literatuur:

Allen, John. “Ethnospherics: Origins of human cultures, their subjugations by the Technosphere, the beginning of an ethnosphere, and steps needed to complete the ethnosphere.” Inter-Research. (2003) www.int-res.com

Borisov, Vachim M. en Felix F.Perchenko, “Community as the Source of Vernadsky’s Concept of the Noösphere,” Configurations, 1.3 (1993) 415-438.

Capra, Fritjof. The Hidden Connections, A Science for Sustainable Living. Harper Collins, Londen. (2002)

Huggett, R.J. “Ecosphere, biosphere, or Gaia? What to call the global ecosystem?. “Blackwell Science Ltd. www.blackwell-synergy.com/doi/abs/10.1046/j.1365-2699.1999.00158.x?journalCode=geb. (1999)

Jacgues, Peter, Globalisation and the World Ocean, AltaMira Press, Lanham. (2005)

N.A.Kozyrev, “Possibility ofExperimental Study of Properties of Time.” (1967)

___________, www.kozyrev.ru

Levit.George S. “The Biospehere and the Noosphere Theories of V.I.Vernadsky and P.Teilhard de Chardin, A Methodological Essay.”Academe International d’histoire des sciences, 160-175, Vol. 50/200

Masani P.R. “The ecology of the noosphere: where the ecological movement falls short.”Kybernetes, Vol.24, no.9 (1995) blz. 13-34

Mckillop, Andrew en Sheila Newman, uitgeverij. The Final Energy Crisis, Pluto Press, Londen an Ann Arbor. (2005)

Moiseev, Nikita N. “The study of the noosphere – contemporary humanism,” Journal of Contemporary Humanism, Juli (1999), blz. 595-606

Oldfield, Jonathan D. en Denis J.B. Shaw, “V.I. Vernadsky and the noosphere concept: Russian Understandings of society-nature interaction.” Geoforum, www.elsevier.com/locate/geoforum. (10 nov. 2004)

Pettman, Ralph (ed) New Zealand in a Globalising World. Victoria Universitaire Press, Wellington (2005)

The Roerich Pact and the Banner of Peace. The Roerich Pact and Banner of Peace Committee, New York. (1974)

Samson, P.R. en P.Pitt (eds), The Biosphere and Noosphere Reader: Global Environment, Society and Change, Routledge, Londen. (1999)

Shiva, Dr. Vandana, et.al., The Enclosure and Recovery of the Commons: Biodiversity, Indigenous Knowledge and Intellectual Property Rights. Research Foundations for Science, Technology and Ecology, New Delhi (1997)

Smil, Vactav, Energies, an illustrated Guide to the Biosphere and Civilization. MIT Press, Cambridge, MA. (1999)

Snyder, Tango, ed., The Biosphere Catalogue. Ecotechnics Institute, Londen en Santa Fe. (1985)

Pierre de Teilhard de Chardin, The Phenomenon of Man, Harpert&Row, New York. (1959)

UNEP 2004 Activities and Performance, Division of Technology, Industry and Economics, Paris (2004)

noospere.princeton.edu “Global Consciousness Project Registering Coherence and Resonance in the World.”

Met betrekking tot de betekenis van 2012, de recent uitgebrachte film, “2012, The Odyssey,” begrijpelijk en verbeeldend, onderzoekt de betekenis van deze datum. Voor meer informatie: www.2012theodyssey.com & www.sacredmysteries.com.

......................

©13 Zaad Jaar (2006) Overwinning Stroomt Mysterie van de Steen
Galactisch Onderzoek Instituut van de Stichting voor de Wet van Tijd